Onze bewoners betalen voor het wonen, het dagelijkse leven, de ondersteuning en verzorging die zij nodig hebben.
Uitgangspunt hierbij is dat iedere bewoner via eigen uitkering (WAJONG of WAO) en via het Persoonsgebonden Budget (PGB) voldoende financiering heeft om de kosten te betalen.
Elke maand ontvangt de ouder/vertegenwoordiger een rekening, waarop alle kosten voor huur, service en maaltijden worden opgegeven. U kunt hierbij denken aan de volgende bedragen:
Onder de 18 jaar: € 0,-
Tussen 18 en 21 jaar:
• Huur voor de zit/slaapkamer v.a. € 100,- per maand
• Service- en waskosten € 50,- per maand
• Maaltijden € 50,- per maand
Boven de 21 jaar:
Huur voor de zit/slaapkamer v.a. € 200,- per maand
• Service- en waskosten € 100,- per maand
• Maaltijden € 100,- per maand
Uitgangspunt bij het vaststellen van de hoeveelheid begeleiding en ondersteuning van elke bewoner is de recente zorgtoewijzing die via de Indicatiecommissie van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) is afgegeven. Vervolgens wordt het besteedbare budget toegewezen. Als ouder/vertegenwoordiger heeft men de mogelijkheid om dit PGB via Woonboerderij Westenrijck te besteden. Het is wel noodzakelijk dat voor het wonen een indicatie op grond van een Zorgzwaartepakket (ZZP) wordt afgegeven.
Voor logeren minimaal 1 etmaal tijdelijk verblijf en voor de overige zorg moet men voor begeleiding (groep en/of individueel) zijn geïndiceerd.
De budgethoudersvereniging Per saldo geeft informatie, advies en ondersteuning aan individuele budgethouders en treedt op als collectieve belangenbehartiger. Voor hulp bij het aanvragen en overige begeleiding kunt u terecht bij stichting MEE
Wij als zorgondernemers kunnen u helpen bij het leggen van deze contacten en het aanvragen van het PGB.
Het grote voordeel van de PGB-financiering is dat u een grote stem heeft bij het verdelen van de gelden die u van de overheid ontvangt. Zo kunt u zelf besluiten om uw zoon/dochter of familielid in een van onze woonvoorzieningen te laten wonen. Het budget dat u te besteden heeft, wordt alleen aangewend voor uw zoon/dochter of familielid. U weet dus precies hoe het budget wordt gebruikt en dat het ook op de juiste wijze wordt besteed. U heeft dus veel invloed op de besteding van dit budget.
Wilt u extra zaken regelen, dan is ook dat geen enkel probleem: per maand krijgt u een overzicht van de kosten aan extra ondersteuning die u zelf betaalt.
In de praktijk komt het erop neer dat de afgegeven indicatie voor ondersteuning voor onbeperkte tijd is. Toetsing van de criteria voor de hoogte van de vraag voor ondersteuning en dus ook het indicatiebedrag, vindt bij een onveranderde vraag eens in de drie (onder de 18 jaar) of vijf jaar plaats. Aan het eind van elk kalenderjaar wordt de subsidie van het PGB getoetst aan de afgegeven indicatie en wordt het bedrag, meestal verhoogd met een inflatiecorrectie, uitgekeerd aan de budgethouder van het PGB.
Wanneer blijkt dat de vraag naar ondersteuning afwijkt van de gestelde indicatie en dus ook afwijkt van het ter beschikking gestelde budget, dan vindt een nieuwe indicatie plaats. Blijkt dat de vraag naar extra ondersteuning wordt toegewezen, dan wordt het PGB-budget verhoogd. Blijkt dat de vraag naar ondersteuning vermindert, dan wordt ook het PBG-budget verminderd. In dit laatste geval zal de bewoner of ouder/vertegenwoordiger de keuze moeten maken om ofwel met minder ondersteuning genoegen te nemen ofwel een eigen financiële bijdrage aan de zorgondernemers te betalen om de ondersteuning op het gewenste peil te houden.